Vraag en
Antwoord

Hebben jullie wel eens ruzie?

Ruzie hebben we (nog) niet gehad. Dat betekent niet dat samen schrijven altijd makkelijk is. Daarom hebben we vooraf een paar afspraken gemaakt. De belangrijkste waren: elkaar de ruimte geven én nemen en praten met elkaar als er een probleem is. En dat deden we.

Bijvoorbeeld over de titel. Voordat we één woord hadden geschreven, wist An al een titel: Het Lied van de Vogels. Bert vond het ook een mooie titel, maar niet zo goed passen bij het spannende verhaal dat we van plan waren te schrijven. Tijdens onze reis door Spanje kwamen er heel wat titels langs: Het begon in Santiago, stelde An voor. ‘Beetje saai,’ vond Bert. Vlucht naar de Vrijheid, bedacht hij. An schudde haar hoofd. ‘Grote mensentitel.’ De strijders van De Rode Leeuw? ‘Daar gaat het verhaal niet over.’ Het was in Toledo dat Bert zei: ‘In het spoor van De Rode Leeuw.’ An knikte: ‘In het voetspoor van De Rode Leeuw.’ Het duurde daarna zeker een maand en heel veel wikken en wegen voor In het spoor van De Rode Leeuw de titel van ons boek werd.

Een ander moeilijk punt van samen schrijven is iets in de tekst van de ander doorstrepen als je weet dat die het juist heel leuk of heel mooi vindt.

Kort nadat we met het verhaal begonnen, kwam An op het idee om er coplas in te gebruiken. Bert was meteen enthousiast omdat hij, meer nog dan An, van poëzie houdt. Wat hem betreft konden er niet genoeg coplas in het verhaal voorkomen. Voor An was het dan soms moeilijk om te zeggen dat een copla geschrapt moest worden. Aan de ene kant wist ze hoe mooi Bert de coplas vond, aan de andere kant voelde ze dat te-veel-mooi niet mooi meer is. Zoals gezegd: we kregen er geen ruzie over. Meestal zei Bert al na één dag dat hij het met An eens was.