Copla-regels

Poëzie kent talloze versvormen. Eén daarvan komt uit Spanje en wordt copla genoemd. Coplas horen bij de flamenco.

Vaak zijn coplas eeuwenoud en van anonieme dichters. Ze kunnen grappig zijn of alledaags, maar ook triest of sociaal bewogen. Uiteindelijk gaan ze allemaal over het leven, de liefde en de dood.

Een copla is een gedicht van vier regels. Je kunt de regels op verschillende manieren met elkaar laten rijmen:

De eerste en de vierde regel rijmen op elkaar,
en de tweede en de derde (a-b-b-a).

De eerste en de derde regel rijmen op elkaar,
en de tweede en de vierde (a-b-a-b).

De eerste en de tweede regel rijmen op elkaar,
en de derde en de vierde (a-a-b-b).

Je kunt ook twee van de vier regels laten rijmen, en de twee overige niet. Probeer maar eens uit op hoeveel manieren je dan kunt rijmen.

Er zijn dus genoeg mogelijkheden. Voor een copladichter is rijmen niet het belangrijkste. Een copla gaat immers over het leven!

Hiernaast kun je één van de bijna duizend coplas lezen die de Groningse dichter Hendrik de Vries vertaalde uit het Spaans.

De dokter, bij mijn geboorte,
Voelde mijn pols en besloot:
'Zolang dit kind maar blijft leven,
Gaat het in geen geval dood.'

Schuilt er in jou een dichter?

boek